Diaconiebericht 32, november 2008
Een kleine selectie uit de inhoud:
Broodpenning
Begin februari 2008 is Bas Oerlemans afgetreden als voorzitter van de Diaconie Protestantse gemeente Leiden. Hij begon in september 2001 als voorzitter van de Hervormde Diaconie, binnen de Gezamenlijke Diaconieën, en tekende in oktober 2006 namens die Diaconie tijdens de fusiebijeenkomst van de Protestantse Gemeente Leiden. Binnen het moderamen van de Diaconie beheerde hij de portefeuille Personeel en Organisatie. Hij nam ook afscheid als diaken van de Vredeskerk. Als aandenken aan zijn werk voor Diaconie en Bakkerij werd hem de broodpenning overhandigd.
Bas Oerlemans is opgevolgd door Bert Verweij, die in de diakenvergadering van 23 april 2008 gekozen werd als voorzitter van de Diaconie Protestantse gemeente Leiden. Bert is diaken en voorzitter van de kerkenraad van de Marewijkgemeente. Bovendien werkt hij mee aan het jongerenproject M25.
In juni hebben moderamen en medewerkers van de Diaconie afscheid genomen van ds. Bé Jager. Hij verving ds. Kelder van 23 mei t/m december 2007 en in april en mei van dit jaar. Elke week was hij twee dagdelen in De Bakkerij waar hij samen met de medewerkers van de Diaconie de diaconale activiteiten voortzette. Ook was hij aanspreekpunt voor de andere organisaties in het pand en onderhield hij voor een deel de contacten naar buiten.
In verband met zijn verhuizing droeg ds. Jager zijn taak over aan Henk Baars. Hij is afdelings-manager van STEK (= voor Stad en Kerk) in Den Haag.
Afscheid dienstencentrum dak- en thuislozen
een historisch overzicht
Half maart 2008 is het Dienstencentrum dak- en thuislozen van Stichting De Binnenvest verhuisd van De Bakkerij naar de Nieuwe Energie. De opvang van dak- en thuislozen was een bijzonder onderdeel van het werk in De Bakkerij. Voor de Diaconie behoort de zorg voor wie tussen wal en schip raken, voor wie geen thuis hebben, tot de kern van het diaconaat. Bij het afscheid dankte ds. Kelder de buren, de buurtverenigingen en de winkeliers voor hun begrip en de goede samenwerking. Zij wenste de cliënten van De Binnenvest alle goeds toe op hun nieuwe plek.
Hoe het begon
In de diakenvergadering van 5 oktober 1992 is Wilbert Bots te gast. Als coördinator van Centrum Onderdak (dat later fuseerde met De Schakel tot Stichting De Binnenvest, met Wilbert Bots als directeur) vertelt hij over de opvang van daklozen. Voor de Gezamenlijke Diaconieën van de Hervormde Gemeente en Gereformeerde Kerk van Leiden is dat geen onbekende zaak: elke week komen er wel een of meer ‘zwervers’ binnen die om een boterham vragen. Daarom is er in De Bakkerij al de Ontmoetingsruimte, waar dak- en thuislozen drie dagdelen per week opgevangen worden door vrijwilligers. Omdat meer en langere opvang nodig blijkt te zijn valt de vraag van Bots in de diakenvergadering ‘of het een taak voor de kerken zou zijn om te helpen bij meer opvang voor de groep daklozen’ in goede aarde. De Gezamenlijke Diaconieën besluiten hier werk van te maken. Vanuit de Diaconie nemen diaconaal predikant Anton Dronkers en Peterhans van den Broek (voorzitter Hervormde Diaconie) deel aan een werkgroep, waar ook Wilbert Bots, Jan de Nooy (arts GGD Leiden) en Carel van Ingen (Gemeente Leiden) deel van uitmaken.
Op onderzoek uit
Begin 1993 gaat de werkgroep aan de slag. In eerste instantie wordt gedacht aan het opzetten van een sociaal pension. De werkgroep noemt zich dan ook Initiatiefgroep Sociaal Pension. Er vinden gesprekken plaats met het het Leidse Jeugdhotel Lits Jumeaux en de werkgroep gaat in een busje op onderzoek uit naar de opvang van daklozen in Amsterdam en Den Haag. Een sociaal pension blijkt op korte termijn niet haalbaar. Wel wordt gedacht aan een goedkoop particulier hotel, met elders in de stad een vorm van dienstverlening, wellicht bij de Diaconie.
Op basis van de bezoeken en verder onderzoek wordt in juni 1993 het rapport ‘Dak- en thuis-lozenopvang in Leiden’ gepresenteerd. In vervolg daarop wordt een bijeenkomst georganiseerd met instellingen en organisaties die bij het probleem betrokken zijn. In het rapport staat dat er in 1993 ‘rond de 50 dak- en thuisloze personen verblijven in Leiden, waarvan de problemen variëren van gedwongen huisuitzetting tot ernstige verslaving. In alle gevallen gaat het om personen die moeilijk of niet kunnen worden opgevangen in de bestaande opvangvoorzieningen doordat hun problematiek te extreem is of doordat er onvoldoende plaats is.’ De Initiatiefgroep komt tot de conclusie dat er een tekort is aan hulpverlening voor dak- en thuislozen in de regio Leiden.
Een oplossing
De Initiatiefgroep stelt voor om allereerst een dienstencentrum op te richten, waarin de buitenlopende dak- en thuisloze terecht kan voor steun, een douche, schone kleren, een maaltijd en contact met een maatschappelijk werker of arts. Daarnaast kan uit de aanloop duidelijk worden welke problemen het grootst zijn en hoeveel gegadigden er zijn voor een eventueel later op te richten sociaal pension. De Ontmoetingsruimte in de centraal gelegen Bakkerij lijkt geschikt te zijn en de Diaconie staat positief tegenover het plan. Zij neemt de kosten voor de verbouwing op zich (ruim 70.000 gulden) en werft daar fondsen voor; van de diaconieën in de regio komt via het Diaconaal Classicaal Overleg een bijdrage van 25.000 gulden. Er komen ook bijdragen vanuit de diaconale Kerstcollecte, een collecte van het Dekenaat Leiden en van particulieren. Het dienstencentrum krijgt in principe 3 jaar de tijd om zijn bestaansrecht te bewijzen. Bij de opzet zijn ook de regionale zorgverzekeraars, diaconieën uit de regio en het Dekenaat Leiden betrokken.
Avondmaalsproject
Vervolgens besluit de Diaconie om aandacht te geven aan de situatie van dak- en thuislozen in Leiden en elders én om geld in te zamelen voor de opvang van dak- en thuislozen in Leiden en in Bulawayo in Zimbabwe. Zo start in mei 1994 het Avondmaalsproject Dak- en thuislozen. De opbrengst van de Avondmaalscollecten in de Hervormde en Gereformeerde kerken wordt bestemd voor dit doel. Een werkgroep begeleidt het project. Het eerste jaar worden 4 kleurige folders uitgedeeld in de kerken, met informatie over dak- en thuislozen in Leiden en in het buitenland. Bovendien wordt een enquête gehouden onder de kerkgangers en worden vrijwilligers voor het Dienstencentrum geworven. In de pers, het Leids Kerkblad en het Diaconie-Bericht wordt steeds aandacht besteed aan het project en de dak- en thuislozen. Zo wordt een bewustwordingsproces op gang gebracht.
Dienstencentrum open
Na de verbouwing is er in De Bakkerij een Dienstencentrum met een grote ontmoetingsruimte met bar en keukenblok. Daarachter is een douche, een ruimte met wasmachine en droger, een opslagruimte, een dokterskamer en een kantoor. De Gezamenlijke Diaconieën en Stichting De Binnenvest sluiten een samenwerkingsovereenkomst, waarbij De Binnenvest de ruimte huurt van de Diaconie. Op 2 mei 1994 opent het centrum zijn deuren aan de Oude Rijn. De officiële opening vindt plaats op 30 mei door wethouder Hennie Koek. Het Dienstencentrum is open op werkdagen van 11 tot 16 uur. Coördinator Joop Koren ontvangt er met een aantal vrijwilligers de bezoekers. Het is een laagdrempelige opvang voor mensen zonder vaste woon- of verblijfplaats. Aanvankelijk rekent men op 5 à 10 bezoekers per dag, maar dat worden er al snel veel meer. Omdat de aanloop de eerste maanden de verwachtingen verre overtreft zijn er zorgen voor de komende winter. Daardoor komt het overleg over een sociaal pension weer op gang.
Niet alleen een paraplu
Om nog meer bekendheid te geven aan de situatie van dak- en thuislozen wordt in april 1995 het symposium Niet alleen een paraplu georganiseerd door de Diaconie, Stichting De Binnenvest en de Gemeente Leiden. Doel is ook de verbreding en regionalisering van de hulpverlening. In de Burgerzaal van het Stadhuis wordt het symposium geopend door Hennie Koek, wethouder van Onderwijs, Zorg en Emancipatie van de Gemeente Leiden en Erica Terpstra, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Samen staan zij onder een groene paraplu met daarop ‘niet alleen een paraplu’. D.w.z. dat er meer nodig is dan alleen een dak boven je hoofd.
In de overvolle Burgerzaal luisteren 160 mensen naar vier toespraken van deskundigen, o.a. Wilbert Bots. Laatste spreker is Rev. Eric Kolbell van de Riverside Church uit New York. Hij is speciaal uitgenodigd door de Diaconieën omdat hij dagelijks werkt met dak- en thuislozen in New York. Belangrijke conclusie van het symposium is dat Leiden hard toe is aan een sociaal pension. Dat wordt dan ook geopend in december 1996.
Thuiswedstrijd
In de vierde folder van het Avondmaalsproject wordt een oproep gedaan om het begrip ‘thuis’ te verwoorden of te verbeelden. Dat levert 70 inzendingen op, variërend van foto’s, tekeningen, schilderijen en keramiek tot wandkleden, gedichten en collages.
Al die werkstukken worden tentoongesteld in de Hooglandse Kerk en elke bezoeker kan zijn stem uitbrengen voor de publieksprijs. Die wordt gewonnen door Menno de Koning. Zijn tekening hangt twee weken overal in Leiden in de mupi’s: zo kan Leiden zien dat dak- en thuislozen Leiden een zorg zijn en blijven! In de vijfde t/m achtste folder wordt aandacht gevraagd voor dak- en thuislozen elders in de wereld. Mensen in de kerkelijke wijkgemeenten worden aangespoord om aan familieleden of bekenden in het buitenland te vragen naar dak- en thuisloosheid dáár. Dat levert veel reacties op. Daarnaast wordt informatie gegeven over het Projects Centre in Bulawayo, dat hulp biedt aan daklozen. Een deel van de opbrengst van de Avondmaalscollecten is naar dit Centre gegaan.
Druk en vol
In oktober 1997 brengt het Trimbosinstituut een rapport uit: ‘Het Dienstencentrum en het Sociaal Pension in Leiden: gebruikers en gebruik in beeld.’ Geconcludeerd wordt dat het Dienstencentrum zijn doelgroep bereikt. Bijna de helft van de bezoekers heeft geen vaste woon- of verblijfplaats. De bezoekers hebben veelal te kampen met meerdere problemen (huisvesting, inkomen, relaties en verslaving). Het zijn vooral alleenstaande mannen van gemiddeld 37 jaar. Het bezoekersaantal neemt nog steeds toe (dagelijks 70 tot 100). Het centrum vervult voor hen een belangrijke functie, er wordt vooral veel bemiddeld naar allerlei (hulpverlenende)instanties toe (100 tot 150 gesprekken per week). Veel bezoekers krijgen een deel van hun uitkering via het Dienstencentrum, dat ook als postadres fungeert. Er werken 4 vaste krachten en 8 vrijwilligers. In een artikel in het Leidsch Dagblad (Janneke de Jonge, 1998) zegt coördinator Joop Koren dat de wasmachine de hele week draait en dat er zo’n vier keer per dag een douche genomen wordt. Er gaan liters koffie doorheen. Er wordt ongeveer 4 maal per week kleding verstrekt en per maand krijgen 100 bezoekers een broodmaaltijd. Er wordt spreekuur gehouden door het maatschappelijk werk, een arts van de GGD en het RIAGG. Mensen die elders niet welkom zijn, zijn hier wel welkom. Ze worden beoordeeld op hun gedrag, niet op hun achtergrond of hoe ze eruit zien. Het Dienstencentrum heeft zijn bestaansrecht zeker bewezen.
Overlast?
Dat de vele bezoekers van het Dienstencentrum wel eens voor overlast zorgen laat zich raden. En dat er het gevoel heerst dat de overlast de laatste jaren toeneemt, klopt wel. Door de ontwikkelingen in de psychiatrie en de verslavingszorg worden minder mensen opgenomen in klinieken. Klachten van buurtbewoners, winkeliers en organisaties in De Bakkerij worden altijd serieus genomen. Er wordt goed samengewerkt en overlegd met de Diaconie en andere organisaties, waaronder de politie, om een oplossing te vinden. Als gevolg daarvan scherpt het Dienstencentrum bijvoorbeeld de huisregels aan en verplaatst het de uitbetaling van uitkeringen, waardoor dealers aangetrokken worden, naar een andere plek. In 2003 en 2004 verschijnen er artikelen in het Leidsch Dagblad over misbruik van adresgegevens door cliënten van het Dienstencentrum. Dat is uitgezocht door de Gemeente Leiden en blijkt niet op feiten te berusten. In de aanloop naar de verhuizing naar De Nieuwe Energie worden de openingstijden van het Dienstencentrum stapsgewijs verruimd. Tegen de verwachtingen in neemt de overlast niet toe: de bezoekers kunnen bijvoorbeeld eerder naar binnen en hangen niet rond op de Oude Rijn.
Stil
Het is de laatste tijd stiller geworden aan de Oude Rijn. Het Dienstencentrum, meestal aangeduid als Dé Bakkerij, heeft gezorgd voor een grote naamsbekend van die Bakkerij. Hoewel niet altijd positief misschien toch iets om een beetje trots op te zijn. De Diaconie heeft in ieder geval haar steentje bijgedragen als het gaat om het verbreden van het draagvlak voor de opvang van dak- en thuislozen en gaat door met ‘helpen waar geen andere helper meer is’, in de hoop dat de goede naam blijft.
Henriëtte van den Broek
tel. (071) 51 44 965 :: fax (071) 51 49 744 :: e-mail info@debakkerijleiden.nl


