Diaconiebericht 28, maart 2006
Een selectie uit de inhoud:- Met hart en handen
- 20 jaar De Bakkerij
- Jongerenwerkvakantie Roemenië 2006
- Project Kinderwerk
- Nieuw avondmaalsproject Phandulwazi
- Een dubbele besteding
- De Goemoers
- Goed bericht van STUV
- Sleutelactie 2006, steun voor Exodus
Met hart en handen
Helpen is een kunst apart. Goed hulp verlenen is nog helemaal niet zo makkelijk. Want welke hulp wordt er eigenlijk gegeven? De hulp die de hulpvrager het belangrijkste vindt? Of de hulp die de hulpverlener het beste vindt? Elke vraag om hulp die bij de diaconie belandt, is een lang verhaal. Er gaat vaak een hele geschiedenis aan vooraf, voordat een vraag bij zo’n laatste redmiddel als een diaconie terecht komt. Het zijn ook meestal ingewikkelde verhalen, waarin een hoop is mis gegaan of vast gelopen. Ik betrap mezelf er soms op dat ik vanaf het begin van het verhaal probeer te raden waar de vraag op uit zal komen. Geld, vast wel. Onderdak, ook steeds vaker. Terwijl ik luister begin ik al de argumenten voor een ja of een nee te verzamelen. Soms heb ik het goed geraden. Dat is meestal zo als een instelling ons belt. Dan gaat het vaak om geld, of wat boodschappenbonnen. Soms zit ik er ook helemaal naast. Dat is meestal het geval als de persoon zelf bij me zit en een lang verhaal begint. Verrassend genoeg loopt het dan nogal eens uit op een heel andere vraag dan ik dacht.
Wat wilt u dat ik doen zal?
In hulpverlenerland is daar wat op gevonden. ‘De hulpvrager moet aan het begin van het zorgtraject de hulpvraag zelf articuleren.’ Gruwelijk jargon natuurlijk. Maar er zit wel iets in. “Wat wilt u dat ik u doen zal?” Dat is de vraag waarmee Jezus vaak begint. Iemand komt naar hem toe, met een verlamde hand of een doodziek dochtertje. Rare vraag, denk je dan. Dat is toch duidelijk: genezing natuurlijk. Maar dat is niet altijd zo, vooral niet als ‘het gebrek’ wat minder voor de hand ligt dan een zichtbare ziekte of handicap. Want wat is dan de genezing? Soms gaat het om iemand die buiten de gemeenschap staat vanwege zijn werk dat door iedereen afgekeurd wordt, of om wat haar is overkomen, wat door iedereen veroordeeld wordt. Een ander komt naar Jezus omdat hij het gevoel heeft dat zijn rijkdom wel eens tussen hem en God in zou kunnen staan. Wat is dan genezing? “Wat wilt u dat ik u doen zal?” is steevast Jezus’ vraag vooraf.
Simson
Je kunt voor mooie verassingen komen te staan. Ik werd eens gebeld door de zus van een
man die net uit de gevangenis was gekomen. Hij was wat eenzaam, zei ze. Was de kerk er niet voor dat soort mensen? Een gespreksgroepje, wat contacten of iemand die hem eens mee zou nemen naar de kerk? Ik ging er eerst maar eens langs. Een hond, een bankstel, een kaal peertje aan het plafond. Hij wist dat zijn zus mij gebeld had, maar blijkbaar niet wat ze gevraagd had. Terwijl ik netjes alle mogelijkheden van kerkdiensten en gesprekskringen op een rij zette, bekroop me het gevoel dat dat misschien helemaal geen antwoord was op de vraag die hij zelf had. “Dat is niks voor mij”, bevestigde hij mijn voorgevoel. “O. Wat wil je dan aan mij vragen?” “Wil je mij vertellen waar ik Simson en de leeuw kan vinden?” vroeg hij. Onder de bank viste hij een bijbel vandaan; van zijn zus gekregen. Hulpeloos keek hij naar mij. “Ik ben vooraan begonnen, maar ik kan het niet vinden.” Ik stopte een reclamefolder bij de goede bladzijde en we kregen nog een mooi gesprek. Het bleek dat het verhaal van Simson, die alleen op eigen kracht het gevecht met een grote, sterke leeuw kon winnen, hem in de bajes had geholpen om zijn ellende te bevechten en een nieuwe start te willen maken.
Met lege handen
Helpen is een kunst apart. Het moeilijkst is het om niet zelf in te vullen wat ergens wel nodig zal zijn, of gevraagd zal worden. Maar samen met de ander te zoeken naar wat voor hem of haar het beste zal helpen om zelf weer verder te kunnen. Het moeilijkst is het om te helpen met je handen op je rug. Om niet meer te doen dan er gevraagd wordt. Niet dat hele huis gaan soppen, de opvoeding zelf wel eens ter hand nemen, de administratie overnemen, of iedere dag verse groente brengen. Niet doen wat jij zelf vindt dat er gedaan moet worden. Misschien is alles wat er gevraagd wordt dat je er gewoon bent, luistert, terug blijft komen. “Watwil jij dat ik voor jou zal doen?” Jezus komt altijd met lege handen. Geen dokterstas met instrumenten of een vademecum voor maatschappelijk werk. Zelfs in gedachten komt hij niet met een soort goddelijk gefundeerde norm van wat een sociaal aanvaardbaar bestaan moet zijn. Hij helpt, ja, met een enkele vraag, een vingerwijzing of een handoplegging. Hij helpt mensen net even die ene hobbel over, die maakt dat alles vast zat, geen weg of uitweg meer had. Maar niet meer dan dat. Dat heeft, volgens mij, een paar grote voordelen, waar ik wel wat van leren kan. Ten eerste blijven mensen zo zelf verantwoordelijk voor hoe ze het verder doen. Daar leren ze ook het meeste van en ze hebben er zelf ook het meeste eer aan. Een huis, een baan, de kinderen naar school, zorgen dat het niet nog eens spaak loopt: ze kunnen het nu zelf op poten zetten. Ook voor wie hulp wil geven kan het een voordeel zijn om met lege handen te komen. Zo heb je je handen vrij om aan te pakken wat er van je gevraagd wordt en wat jij geven kan, ook als dat alleen een uitgestoken hand is of twee open armen.
Ds. Annemieke Kelder
tel. (071) 51 44 965 :: fax (071) 51 49 744 :: e-mail info@debakkerijleiden.nl


