Individuele Hulp
In de diakenvergadering van april was de Commissie Individuele Hulp (CIH) uitgenodigd iets over haar werk te vertellen. Deze commissie werd indertijd door diaconaal predikant Anton Dronkers in het leven geroepen omdat hij meer overleg, afstemming en steun wilde bij het ingewikkelde en moeilijke werk van de individuele hulpverlening. Er was toen veelal sprake van langdurige individuele begeleiding en van kortere contacten.
Broodnood
Vandaag de dag werkt de CIH op een andere manier. Het gaat vooral om korte contacten, met vragen die verband houden met directe broodnood, met de eerste noodzakelijke levensbehoeften. De langlopende contacten uit het verleden zijn afgebouwd of aan instanties overgedragen. Twee tot vier maal per week kloppen mensen aan bij diaconaal predikant Annemieke Kelder, op eigen initiatief omdat ze weten dat in De Bakkerij hulp gegeven wordt, of verwezen door instanties als het maatschappelijk werk en de Raad- en Daadwinkels. In de meeste gevallen overlegt zij met de consulent, een lid van de CIH dat deskundig is op het gebied van de sociale wetgeving. Als er hulp gegeven wordt, wordt altijd eerst gekeken of er een vóórliggende voorziening is, bijvoorbeeld een bijstandsregeling. Later wordt geprobeerd het bedrag terug te krijgen via een terugbetalingsregeling of van fondsen. Zo mogelijk worden mensen naar andere instanties verwezen. De hulp betreft bijna altijd noodgeld, bv. om de tijd te overbruggen totdat een uitkering geregeld is. Het vinden van fondsen of het samenwerken met andere instanties wordt vergemakkelijkt door de goede naam die de Diaconieën hebben. In veruit de meeste gevallen kan er geholpen worden.
Genadiger dan wetten
De CIH houdt zich vooral bezig met achterliggende beleidsvragen: waarom geven we individuele hulp vanuit de Diaconieën? Wat onderscheidt ons van een fonds, wat is de kerkelijke achtergrond bij deze hulp? Daaruit is beleid ontwikkeld: de Gezamenlijke Diaconieën geven alleen noodhulp, ná en náást alle andere hulp die er is. Bovendien wordt nooit hulp gegeven die andere instanties kunnen of moeten geven of waar andere, vóórliggende regelingen voor zijn. Als andere regels of wetten nee zeggen of nee moeten zeggen, bijvoorbeeld als er eigen schuld in het spel is, dan kunnen de Diaconieën helpen, 'genadiger dan wetten'. De CIH fungeert vooral als klankbord, zet de grotere lijnen uit en houdt in de gaten dat er niets gedaan wordt wat andere organisaties al doen. Bovendien is ze de traît d'union naar de kerkelijke achterban.
Grotere druk
De nieuwe Wet Werk en Bijstand (WWB, januari 2004), die de oude Algemene Bijstandswet vervangt, geeft op zich niet zoveel verandering. De regels worden echter wel strenger toegepast en de druk wordt langzamerhand groter: op termijn zal het effect van de WWB zeker merkbaar worden. Daarom wordt van elke hulpvraag een dossier aangelegd. Ook de Raad- en Daadwinkels houden de vinger aan de pols. Eind van dit jaar zal er samen geëvalueerd worden en kunnen tendensen duidelijk worden. Eventuele nadelige effecten van de WWB kunnen dan voorgelegd worden aan de Gemeente Leiden, die de wet uitvoert.
Waakhond
De Diaconieën blijven signaleren (een van de belangrijkste taken uit het beleidsplan) en blijven een waakhond die blaft als er onraad is. De gemeente verwacht dat ook. En de situatie ziet er niet rooskleurig uit. De categorale bijstand is afgeschaft, individueel maatwerk kwam ervoor in de plaats. De gemeente moet de bijstand financieren uit een budget en moet tegelijk bezuinigen…
Zaken als het persoonsgebonden budget, de ingewikkelde regels bij schuldsanering, de afschaffing van de Ziektewet, de inkrimping van het Ziekenfondspakket, de slechte bereikbaarheid van instanties, de euro, de toename van schulden en uithuiszettingen, de verhoging van huren en premies, de vermindering van de huursubsidie, het gevaar van de postorderbedrijven en geldleners, én lange tijd een té krap inkomen veroorzaken veel complexe problemen. Vaak blijft er alleen de Stadsbank over of de leenbijstand.
Schaamte
Hoewel de sociale wetgeving in feite een verzekering is, waar iedereen aanspraak op kan maken en waar iedereen aan meebetaalt via premie en belasting, vinden mensen het moeilijk om hun hand op te houden. Hulpvragen is nog steeds een schaamtevolle bezigheid. Voor mensen die stranden is de diaconie de helper waar geen helper (meer) is. Het gaat dan dikwijls om een relatief klein bedrag, voor noodgeld of broodgeld. Misbruik wordt hierbij eigenlijk niet gezien. Meestal zijn het eenmalige contacten, maar er zijn mensen die meerdere keren komen, omdat ze door hun situatie helaas iedere keer opnieuw in de problemen komen.
tel. (071) 51 44 965 :: fax (071) 51 49 744 :: e-mail info@debakkerijleiden.nl


